Nieuwe doorbraken in host–microbioom crosstalk

Nieuwe doorbraken in host–microbioom crosstalk De laatste jaren is het onderzoek naar de interactie tussen mens en microbioom in een stroomversnelling geraakt. Waar vroeger vooral naar losse bacteriën werd gekeken, zien we nu hoe DNA, epigenetica, metabolieten en zelfs vluchtige signaalstoffen (VOCs) samen een geïntegreerd ecosysteem vormen. Deze inzichten zijn niet alleen academisch interessant: ze openen de deur naar nieuwe therapieën, betere diagnostiek en gepersonaliseerde preventie. De uitdaging Klassieke testen focussen vaak op losse bacteriesoorten of enkel DNA. Ze missen de bidirectionele communicatie tussen gastheer en microbioom. Zonder multi-omics blijft de echte complexiteit – epigenetische veranderingen, metabolieten, VOC’s – onzichtbaar. Wetenschappelijke inzichten Epigenoom–microbioom-asNieuwe studies tonen een tweerichtingsverkeer: het epigenoom van de gastheer beïnvloedt welke microben overleven, terwijl microbioom-metabolieten de expressie van gastheergenen veranderen. Dit verklaart snelle aanpassingen en ziektepatronen bij bv. inflammatoire darmziekten en metabole stoornissen.(Zhang et al., 2025, Sci Direct) Multi-omics integratieHet combineren van genomics, transcriptomics, proteomics en metabolomics biedt een systeemoverzicht: niet enkel wie er in de darm leeft, maar wat ze doen, welke genen ze aanzetten en welke stoffen ze produceren.(Li et al., 2024, Trends Microbiol) Microbiële VOC’sMicroben produceren vluchtige organische verbindingen die via de darm-brein-as het zenuwstelsel en metabolisme beïnvloeden. Nieuwe sensortechnologie maakt real-time detectie mogelijk.(MDPI Int J Mol Sci, 2024) MetabolietenSCFA’s zoals butyraat en propionaat zijn slechts het topje van de ijsberg. Catalogi van honderden microbioom-afgeleide metabolieten linken nu rechtstreeks aan insulineresistentie, metabool syndroom en T2D. Host-geneticaABO-bloedgroep en FUT2-secretorstatus bepalen mede welke bacteriën, zoals Faecalibacterium prausnitzii, de darm koloniseren. Dit beïnvloedt direct immuunfunctie en voedingsnutriënten. Waar My InnerSelfie verschil maakt DNA + epigenetica + microbioom + metabolieten → geïntegreerd in één analyse. Real-time monitoring via volatilomics en metabolietenanalyse: geen statische foto, maar dynamisch profiel. Persoonlijk herstelprofiel → maakt zichtbaar waarom dezelfde voeding of medicatie bij de één werkt en bij de ander niet. Het resultaat Betere preventie → vroegtijdig signaleren van metabole en inflammatoire processen. Persoonlijke therapie → inzichten voor voeding, suppletie en medicatie aangepast aan biologie. Snellere innovatie → koppeling van wetenschappelijke doorbraken aan praktische toepassingen voor patiënt en sporter. Belangrijkste inzichten Host–microbioom crosstalk verloopt via meerdere lagen: epigenetica, metabolieten, VOC’s en genetische variatie. Multi-omics maakt het mogelijk om deze complexiteit tastbaar te maken. Dit opent de weg naar preventieve geneeskunde, betere therapieën en gepersonaliseerde gezondheidszorg. My InnerSelfie vertaalt deze high-end wetenschap naar toegankelijke toepassingen. Wetenschappelijke referenties Zhang J. et al. Epigenome–microbiome crosstalk in health and disease. Crit Rev Oncol Hematol. 2025. ScienceDirect Li H. et al. Multi-omics for decoding host–microbiome interactions. Trends Microbiol. 2024. ScienceDirect Chen Y. et al. Microbial volatile organic compounds in host–microbiome communication. Int J Mol Sci. 2024;25(23):13001. MDPI

Read More »
De nieuwste inzichten in host–microbioom crosstalk zijn niet alleen academisch interessant, maar hebben ook een enorme impact in de kliniek

Klinische toepassingen van host–microbioom crosstalk

Klinische toepassingen van host–microbioom crosstalk De nieuwste inzichten in host–microbioom crosstalk zijn niet alleen academisch interessant, maar hebben ook een enorme impact in de kliniek. Waar klassieke geneeskunde vaak naar symptomen kijkt, opent multi-omics een venster op de onzichtbare processen die ziekten veroorzaken én behandelen beïnvloeden. De uitdaging Ziekten als metabool syndroom, T2D en kanker worden vaak te laat gediagnosticeerd. Klassieke biomarkers missen de dynamiek tussen gastheer en microbioom. Er is nood aan niet-invasieve, real-time monitoring. Wetenschappelijke inzichten Metabool syndroom en T2DMicrobioom-afgeleide metabolieten zoals SCFA’s en indolen beïnvloeden insulinegevoeligheid en vetopslag. Dysbiose correleert met laaggradige ontsteking en verhoogd risico op diabetes.(Li et al., Trends Microbiol 2024) KankertherapieStudies tonen dat het microbioom de effectiviteit én bijwerkingen van immuuntherapie en chemotherapie bepaalt. Bepaalde bacteriën (bv. Akkermansia muciniphila) verhogen respons op checkpoint inhibitors.(ScienceDirect, 2025) Epigenetische therapieënDoor epigenoom–microbioom-crosstalk kan het manipuleren van darmflora epigenetische routes in de gastheer moduleren, een nieuwe weg voor behandeling van auto-immuunziekten en kanker.(Zhang et al., 2025) Volatilomics als diagnostiekNieuwe sensortechnologie meet microbieel geproduceerde VOC’s (zoals acetaat, ethanol, propanol) in adem of zweet. Dit kan dienen als niet-invasieve biomarker voor darmgezondheid, metabole stress of ontstekingsstatus.(MDPI Int J Mol Sci, 2024) Waar My InnerSelfie verschil maakt Integratie van multi-omics → DNA, microbioom, metabolieten en epigenetica in één profiel. Real-time volatilomics monitoring → maakt subtiele shifts zichtbaar die klassieke bloedtesten missen. Persoonlijk klinisch dashboard → laat artsen en patiënten zien hoe biologie reageert op therapie of leefstijl. Het resultaat Betere behandeling → kankertherapie en metabole zorg afgestemd op microbioomprofiel. Minder bijwerkingen → door gepersonaliseerde modulatie van microbiële routes. Niet-invasieve monitoring → vroegtijdig signaleren van problemen met adem- of zweetanalyse. Preventieve geneeskunde → ziekten voorkomen in plaats van enkel behandelen. Belangrijkste inzichten Microbioom beïnvloedt direct therapierespons en bijwerkingen. VOC’s en metabolieten openen nieuwe wegen voor diagnostiek en monitoring. Multi-omics integratie maakt precisie-geneeskunde mogelijk. My InnerSelfie vertaalt deze inzichten naar praktische tools voor patiënt, sporter en arts. Wetenschappelijke referenties Li H. et al. Multi-omics for decoding host–microbiome interactions. Trends Microbiol. 2024. Zhang J. et al. Epigenome–microbiome crosstalk in health and disease. Crit Rev Oncol Hematol. 2025. Chen Y. et al. Microbial VOCs in host–microbiome communication. Int J Mol Sci. 2024;25(23):13001. Routy B, et al. Gut microbiome and immunotherapy response. Science, 2018 (klassieke referentie voor kankertherapie).

Read More »
De wetenschap heeft duidelijk gemaakt dat mens en microbioom één ecosysteem vormen.

De toekomst van host–microbioom crosstalk: AI, sensoren en digitale twins

De toekomst van host–microbioom crosstalk: AI, sensoren en digitale twins AI, sensoren en digitale twins veranderen hoe we host–microbioom crosstalk begrijpen. My InnerSelfie maakt predictieve geneeskunde werkelijkheid De wetenschap heeft duidelijk gemaakt dat mens en microbioom één ecosysteem vormen. Maar wat brengt de toekomst? Nieuwe technologieën combineren AI, multi-omics en sensoren om het onzichtbare realtime zichtbaar te maken. Het doel: niet alleen ziekten behandelen, maar voorspellen en voorkomen. De uitdaging Klassieke testen zijn momentopnames, terwijl biologie dynamisch is. Elke patiënt is uniek: one size fits all werkt niet. Er is nood aan voorspellende modellen die de individuele biologie begrijpen. Wetenschappelijke inzichten AI-gedreven multi-omicsKunstmatige intelligentie kan enorme datasets uit DNA, RNA, eiwitten en metabolieten analyseren en patronen ontdekken die voor mensen onzichtbaar zijn. Zo wordt duidelijk welke profielen leiden tot gezondheid of ziekte.(Li et al., Trends Microbiol 2024) Realtime sensoren & volatilomicsWearables en mini-sensoren kunnen microbieel geproduceerde VOC’s in adem, zweet of urine meten. Dit maakt monitoring van darmgezondheid en immuunstatus mogelijk zonder prikken of invasieve testen.(Chen et al., Int J Mol Sci 2024) Digitale twinsVirtuele modellen van een individu – gebaseerd op DNA, microbioom en metabolieten – maken het mogelijk om behandelingen of dieetinterventies eerst digitaal te simuleren. Zo kan men voorspellen hoe een lichaam reageert. Predictieve geneeskundeDoor AI en digitale twins te combineren, kan men ziekten zoals metabool syndroom, kanker of neurodegeneratieve aandoeningen jaren eerder voorspellen en voorkomen. Waar My InnerSelfie verschil maakt Integratie van AI met multi-omics → vertaalt complexe data naar begrijpelijke inzichten. Realtime monitoring via wearables en volatilomics → dynamisch profiel i.p.v. statisch rapport. Digitale zelf → een persoonlijke “biologische twin” die preventie en therapie stuurt. Het resultaat Predictieve zorg → problemen signaleren vóórdat symptomen ontstaan. Preventieve interventies → voeding, suppletie en leefstijl op maat. Meer vertrouwen → inzicht in hoe biologie zich ontwikkelt in de tijd. Belangrijkste inzichten De toekomst van gezondheid ligt in data + biologie + AI. Digitale twins en realtime sensoren brengen preventie naar een nieuw niveau. My InnerSelfie maakt deze innovaties tastbaar en toepasbaar voor sporters, patiënten en artsen. Wetenschappelijke referenties Li H, et al. Multi-omics for decoding host–microbiome interactions. Trends Microbiol. 2024. Chen Y, et al. Microbial VOCs in host–microbiome communication. Int J Mol Sci. 2024. Zhang J, et al. Epigenome–microbiome crosstalk in health and disease. Crit Rev Oncol Hematol. 2025. Hasin Y, et al. Multi-omics and AI in systems biology. Cell. 2017 .

Read More »
Biotica onder de loep Pre-, pro-, post-, syn- en cobiotica: zin, onzin en de sleutel tot longevity

Biotica onder de loep

Biotica onder de loep. Pre-, pro-, post-, syn- en cobiotica: zin, onzin en de sleutel tot longevity De supplementenschappen puilen uit van de “biotica”: pre-, pro-, post-, syn- en zelfs cobiotica.Ze worden gepresenteerd als hét wondermiddel voor een betere darmgezondheid en langer leven. Maar wat is feit, wat is fictie? En belangrijker: kan dit echt het verschil maken in hoe wij verouderen – en hoe ons microbioom veroudert? De vraag: ja of nee? Ja of nee: verouderen wij omdat ons microbioom achteruitgaat, of veroudert ons microbioom omdat wij ouder worden?De wetenschap zegt: beide. Het is een vicieuze cirkel van crosstalk: verouderende cellen beïnvloeden het microbioom, en een verarmd microbioom versnelt veroudering en inflammatie. Wang et al., Microbial Pathogenesis 2024 en Ulvyana et al., Biosc Med 2025 bevestigen dat specifieke microbiële profielen samenhangen met sarcopenie, inflammaging en cognitieve achteruitgang. Multi-omics inzichten in biotica en veroudering Prebiotica– Vezels die voeding zijn voor specifieke bacteriën. Effect afhankelijk van jouw microbioomdiversiteit.– Shen et al., Food Sci Nutr 2025: non-starch polysacchariden beïnvloeden via de gut–adipose-as gewicht en metabole gezondheid. Probiotica– Levend toegediende bacteriën. Effect verschilt per persoon.– Jurek et al., Nutrients 2024: probiotica moduleren neuro-immunologische routes bij ME/CVS, maar alleen in specifieke subgroepen effectief. Postbiotica– Direct toegediende metabolieten (bv. butyraat).– Habiballah et al., Front Immunol 2025: postbiotica kunnen Treg-balans herstellen bij auto-immuunziekten. Synbiotica– Combinatie van pre- en probiotica die elkaar versterken.– Fermin et al., Cureus 2024: tonen dat synbiotica de gut-organ axis verbeteren bij ouderen. Cobiotica– Nieuwe generatie biotica die meerdere stoffen combineert en inspeelt op crosstalk-netwerken (bv. darm–brein én darm–spier tegelijk). De rol in longevity Een verouderend microbioom produceert minder SCFA’s en meer pro-inflammatoire metabolieten → versnelt veroudering (Zhou et al., Wiley 2024). Multi-omics laat zien welke biotica helpen om de balans te herstellen en het verschil te maken tussen kalenderleeftijd en biologische leeftijd. Werknemers die hun microbioom jong houden, hebben meer energie, minder inflammatie en betere cognitieve veerkracht. Innovatieve oplossingen Biotica Response Index– My InnerSelfie voorspelt welke biotica (pre, pro, post, syn, co) écht effect hebben bij een individu. Longevity Scan– DNA (bv. telomeerlengte-genen), microbioomprofielen en metabolieten (SCFA’s, indolen) bepalen het verschil tussen biologische en kalenderleeftijd. Precisie-biotica strategieën– Geen generieke probiotica, maar gepersonaliseerde ondersteuning gebaseerd op je eigen multi-omics data. Waarom My InnerSelfie uniek is Multi-omics integratie: DNA, metabolieten en microbioom geven een compleet beeld van veroudering en bioticabehoefte. Crosstalk focus: zichtbaar maken hoe jij en je microbioom samen jong of oud worden. Preventieve precisie: niet iedereen heeft baat bij dezelfde biotica; wij meten wat werkt voor jou. Win-win: Voor de mens → minder onzekerheid, geen generieke adviezen, maar inzicht in of een middel écht bij hen past. Voor de maatschappij/gezondheidszorg → minder onnodige behandelingen, minder bijwerkingen, meer preventieve gezondheid.                                                                 De zorg van morgen: innovatief, preventief en altijd op maat. Innovatie van vandaag wordt de standaard van morgen – veilig en evidence-based. Belangrijkste inzichten Biotica zijn geen wondermiddelen en werken niet voor iedereen hetzelfde. Multi-omics maakt zichtbaar wie baat heeft bij pre-, pro-, post-, syn- of cobiotica. Het microbioom is een sleutel tot longevity en het verschil tussen biologische en kalenderleeftijd. My InnerSelfie biedt precisie in plaats van one size fits all. Wetenschappelijke referenties Jurek JM, Castro-Marrero J. Gut microbiome disturbances & microbial preparations in ME/CFS. Nutrients. 2024. Habiballah DN, Li F, Jiang L. Immune metabolic restoration in SLE via microbiota & postbiotica. Front Immunol. 2025. Shen Q, Yang Z, Hu C, et al. Non-starch polysaccharides & gut–adipose axis in obesity. Food Sci Nutr. 2025. Ulvyana V, Mulyana R, Martini RD. Meta-analysis: gut–muscle axis & sarcopenia. Biosc Med. 2025. Wang M, Ren F, Zhou Y, et al. Age-related sarcopenia & altered gut microbiota. Microb Pathog. 2024. Zhou Y, Xu Z, Zhang H, et al. Microbiome balance & One Health principle. Wiley. 2024.

Read More »
aspirine en invloed op de darmen

Aspirine & de darmen

Aspirine & de darmen One size fails all: de verborgen dialoog tussen aspirine en microbioom Aspirine en kinderaspirine behoren tot de meest gebruikte medicijnen wereldwijd. Ze worden ingezet tegen pijn, ontsteking, ter preventie van hart- en vaatziekten, en soms zelfs voor kankerpreventie. Maar waar de ene patiënt voordeel haalt, loopt de ander juist risico op maag- en darmcomplicaties. De vraag is dus niet: is aspirine goed of slecht? De juiste vraag is: voor wie werkt het, en voor wie kan het schadelijk zijn? Het antwoord ligt in de crosstalk tussen DNA, microbioom en metabolieten. Het probleem NSAID’s (waaronder aspirine) veroorzaken jaarlijks honderdduizenden ziekenhuisopnames door maag- en darmbloedingen. Kinderaspirine (lage dosis) wordt vaak gezien als “veilig”, maar kan bij sommige mensen subtiele schade aan de darmbarrière veroorzaken. “One size fits all”-aanbevelingen negeren genetische verschillen, microbiële interacties en individuele risicofactoren. Multi-omics inzichten in aspirine & darmen DNA-profielen – Variaties in genen zoals CYP2C9 en UGT1A6 beïnvloeden de afbraak van aspirine en verhogen het risico op bijwerkingen. Microbioominteractie – Darmbacteriën kunnen aspirine metaboliseren, waardoor zowel effectiviteit als toxiciteit verandert. Barrière & mucosa – Aspirine kan de darmbarrière verzwakken, met dysbiose en microbiale translocatie tot gevolg. Voordeel–nadeel balans – Aspirine beschermt sommige patiënten aantoonbaar tegen hartinfarcten en colorectale kanker, maar verhoogt bij anderen vooral het risico op GI-bloedingen. Wat recente studies aantonen Kankerpreventie bij Lynch syndroom De CAPP2-trial toonde dat dagelijks gebruik van 600 mg aspirine gedurende ≥ 2 jaar het risico op colorectale kanker met ~60% verminderde bij mensen met Lynch syndroom (erfelijke aanleg). Duidelijk voordeel voor een specifieke genetische subgroep. Geen universeel voordeel bij ouderen In de ASPREE-trial (Bakshi et al., 2022) bleek dat bij 70-plussers aspirine geen significante bescherming gaf tegen colorectale kanker, zelfs niet bij mensen met een hoog genetisch risico. Leeftijd en context zijn bepalend. Risico op bloedingen De Nurses’ Health Study (Huang et al., 2011) liet zien dat het risico op GI-bloedingen vooral stijgt met de dosis, niet zozeer met de duur van gebruik. Lage dosis over langere tijd kan relatief veilig zijn, maar hogere doseringen verhogen het risico sterk. Laagdosis aspirine niet zonder risico Een Deens cohortonderzoek (Sørensen et al., 2000) toonde dat zelfs laaggedoseerde aspirine het risico op bovenste GI-bloedingen verdubbelt tot verdrievoudigt, zeker bij ouderen of mensen die ook andere NSAID’s/antistolling gebruiken.                                                                                                                                               Leeftijd en context zijn bepalend. Andere risicofactoren Valkhoff et al. (2012) identificeerden bijkomende risico’s: oudere leeftijd, comorbiditeit, helicobacter-infectie en polyfarmacie.                                                              Leeftijd en context zijn bepalend. Innovatieve oplossingen Pharmaco-Crosstalk Index – My InnerSelfie koppelt DNA, microbioom en metabolieten om te voorspellen wie baat heeft bij aspirine en wie risico loopt. Barrière-monitoring – Multi-omics detecteert subtiele mucosale schade vóórdat klachten ontstaan. Therapiepersonalistie – Artsen kunnen dosering en timing van aspirine afstemmen op het profiel van de patiënt, i.p.v. generieke aanbevelingen. Waarom My InnerSelfie uniek is Multi-omics integratie: DNA, microbioom en metabolieten samen geanalyseerd. Crosstalk focus: zichtbaar maken hoe aspirine interageert met darmbarrière en microbioom. Preventieve precisie: risico’s op complicaties vroegtijdig signaleren. Win-win: patiënten profiteren van de voordelen van aspirine, artsen en ziekenhuizen beperken complicaties. De zorg van morgen: innovatief, preventief en altijd op maat. Innovatie van vandaag wordt de standaard van morgen – veilig en wetenschappelijk onderbouwd. Belangrijkste inzichten Aspirine is geen one size fits all: DNA, microbioom en leeftijd bepalen effectiviteit en risico. Bij Lynch syndroom is er duidelijk voordeel; bij ouderen niet altijd. Multi-omics maakt het verschil tussen bescherming en complicatie zichtbaar. My InnerSelfie ondersteunt artsen bij therapiekeuze en dosering. Wetenschappelijke referenties Serrano M, Burn J, Mathers JC, et al. CAPP2 trial: Aspirin reduces colorectal cancer in Lynch syndrome. Genes. 2022. Bakshi A, et al. Aspirin and colorectal cancer risk in older adults: ASPREE. PubMed. 2022. Huang ES, Strate LL, Ho WW, Lee SS, Chan AT. Long-term aspirin use and risk of GI bleeding. Gastroenterology. 2011. Sørensen HT, et al. Risk of upper gastrointestinal bleeding with low-dose aspirin. Arch Intern Med. 2000. Valkhoff VE, Sturkenboom MC, Kuipers EJ. Risk factors for GI bleeding in aspirin users. Gastroenterology. 2012. Caruso R, Lo BC, Núñez G. Host–microbiota interactions in inflammation. Nat Rev Immunol. 2020.

Read More »

Category: De kracht van precisie